Een eeuw lang actief voor Hoorns erfgoed

Het schip "De Slagter" in de Oostzee door zwaar weer in de problemen

Berichten uit het Oud Archief van Hoorn - Nr. 7
Oud Notarieel Archief Hoorn - Anno 1703

De onderstaande notariële akte is een zgn. attestatie of notariële getuigenverklaring. Een dergelijke akte werd vrijwillig opgemaakt, en was bedoeld om in een eventuele rechtszaak tot bewijs van feiten en omstandigheden te kunnen dienen. De attestatie werd opgesteld op verzoek van een belanghebbende, de zgn. requirant. De verklaring werd afgelegd door ooggetuigen van de betreffende feiten en omstandigheden. Zij worden in de akte aangeduid als de deposanten.
Naast de notaris en de deposanten waren op de zitting voorts twee zogenaamde instrumentele getuigen aanwezig, die erop moesten toezien dat de akte correct werd verleden (gepasseerd). Zij werden daartoe aangezocht door de notaris. Meer informatie wordt gegeven in het stuk "Attestatie-Uitleg" op deze site.

(De onderstreepte woorden worden aan het slot verklaard.
Klik op de afbeelding voor een vergroting.
De transcriptie van de tekst wordt voortgezet onder de afbeelding.)

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

p. 1
Op huijden den 19 Maert anno 1703 compareerden
voor mijn Jan Munt Notaris etc. ende voor de
nagenoemde getuijgen Klaes Pietersz Vlugt
gewesene stuerman 66 jaren wonende op den Oudendijk, Maerten Jansz
gewesene timmerman alhier, out 45 jaren
Pieter Jansz kistemaker gewesen bootsman
van Lambertschagen, out 37 jaren, ende
Willem Jansz Eertswoud, gewesene kock
out 60 jaren, en alle in die bedieninge laest
gevaren hebbende mettet schip De Slagter,
schipper Pieter Jansz Tasman van Venhuijsen,
en hebben ten versoecke van deselve hare
havenschipper getuijgt en verklaert gelijk
sij doen mits desen. Dat sij deposanten
(in de marge bijgeschreven; niet alles goed leesbaar door weggevallen letters)
in de maent October
lestleden in der Pillau
de Oostzee hare ladinge graenen
hebben ingenomen ende
..der partije granen
..el afgemat op
den selven. Ende dattet
schip voor de ladinge
wel voorsien is geweest
..de naede ladinge
masten met kragen
de luijcken met
presennings, sulx dattet
schip in alles bekwaam
was om koopmans
goederen over zee
te voeren na behooren
onderwegen met
deselve ladinge hebben
storm en onweer
hadt, ende bij het
groote luijk is eenig
water in 't schip ge-
komen, en naderhant
't lossen van de gra-
nen sijn de kluijten
.e bedorven waren
een vleesvat
..daen: welk vleesvat
ontrent half vol
.. geraekt, ende
overboord geworpen
onder Noorwegen
hebben sij een sware slaghsijd
.eijlt, om 't schip in
Noorwegen binnen
te brengen, alsoo de
onvoijers aldaer
.ets waren ingeloopen
waer door de gevelingh ontsprongen is
de schipper naderhant genootsaekt geworden
is het lossen gemene maet aeij te seggen
.och verklaerden de deposanten dat sij

op den 15 December van 't voorleden jaer met
storm en onweder met haer voornoemde
schip sijn gekomen tusschen Ameland ende
Schimmelkoogh in 't Vriesse gat binnen
dese landen, sijnde van te voren in geselschap
van een bequame vloot schepen en drie
onvoijers, hebbende twee koopvaerdij
schepen voor haer, die beijde sijn veron-
gelukt en gebleven, alswanneer sij deposanten
sulcks siende haer dagelijcks ancker in de
gront hebben laten vallen ende om
schip en goet te salveren hebben sij
tegens den avont haer plegtancker
mede laten vallen ende hebben de vol-
gende nagt met groot perijckel
aldaer gelegen ende des volgenden daegs sijnde den 16 December 1702

p. 2

't weder een weijnich beter wesende kwame
verscheijdene lootsluijden met haer schuijt
doch wilden deselve haer deposanten niet aen
boord komen niettegenstaende sij
een schoot schooten en oock een sjouw
lieten waeijen, eijndelijk is er een
lootsschuijt aen haer boord gekomen
vragende de schipper ende de deposanten aen deselve of
er gelegentheijt was om binnen te
komen waerop de lootsluijden ant-
woorden van jae; mits dat sij beijde
hare touwen mosten kappen, omdat
de ebbe te verre verloopen was, daer
sij mede binnen mosten komen; daer
op hebben sij haer touwen sijnde het
plegttouw nieuw en 't dagelijks
touw beter als half gesleten, gekapt

Ende sijn alsoo behouden met haer
schip binnen dese lande gekomen
onder Oostmerhorn
(in de marge bijgeschreven)
aldaer tot Oostmer-
horn leggende, sijn
genootsaekt geweest
om 't schip aan de
wal te korten, alsoo
maer een swaer
ancker aen boord
hadde om schip
en goet
te salveren
alwaer sij hare
ladinge in 't geheel
getrouwelijk hebben
uijtgelevert sonder
deselve te hebben ver-
mindert, bestoolen, ver
kost, noch overboord
geworpen, behalve 't gene in 't vleesvat was, ende dat
de ladinge in ses
vaertuijgen tot Oost-
merhorn is gelost ende
na Amsterdam opge-
sonden.

naderhant sijn
de anckers gevist, en haer deposanten
aen boord gebragt. Eijndigende dese
hare verklaringen presenteerden de
selve des noots nader te bevestigeb. aldus gedaen in Hoorn voorsz. ter
presentie van Jan Jacobsz Volckerinck
ende Pieter Steen als getuijgen hier toe versogt.

Ondergetekenden
Claes Pietersz Vlugt
Maerten Jansz
Pieter Jansz kistemaker
Willem Jansz metter
ian iacobsen volckerinck
pieter steen

Mij present
Jan Munt
Notaris Publicq

Woordverklaringen
compareren - verschijnen
deposanten - degenen die een getuigeverklaring afleggen
presennings - dekzeil
gevelingh - tussenschot in het ruim van een schip
salveren - redden
perijckel - gevaar
dagelijks ancker - anker voor normale omstandigheden
plegtancker - anker voor zwaar weer
schoot - onderdeel van de tuigage
sjouw - noodsignaal met vlag; het gedeeltelijk opgerold of ingesnoerd-zijn van een vlag die gehesen wordt, als teken dat men hulp nodig heeft of in nood verkeert

Bron
Westfries Archief, Hoorn
Toegangsnummer 1685
Oud Notarieel Archief
Hoorn
Notaris Jan Munt
inv. nr. 2286

Transcriptie gemaakt door Frans Kwaad,
24 mei 2011