De Bernardo
Sigarenfabriek N.V.
Femke Uiterwijk
(Oud Hoorn Kwartaalblad, 10e jaargang nr.1, maart 1988 p. 21, 22)
Toen Hoorn zich in de tweede helft van de vorige eeuw enigszins ging herstellen van de economische inzinking een eeuw eerder ingezet, betekende dat onder andere dat oude vervallen woningen werden vervangen door nieuwe. En het aardige is, dat men heden ten dage deze huizen niet alleen kan herkennen aan hun bouwstijl, maar ook vaak aan de eerste steen die in de gevel ingemetseld is. Het lijkt wel of er omstreeks 1860 de aardige gewoonte is ontstaan de familietrots om het eigen bezit te laten blijken uit het plaatsen van zo'n herdenkingssteen. In Hoorn kan men er binnen de vroegere stadswallen nog verschillende aantreffen. Ze zijn alle van hardsteen gemaakt en de ingebeitelde data lopen van 1855 tot en met 1937. Het vereist wel enige speurzin om ze te vinden en te lezen, want zo'n eerste steenlegging vond plaats nadat de fundamenten van het nieuwe onderkomen waren gelegd en een gedeelte van de muur was opgetrokken waarin de steen geplaatst kon worden. Eerste stenen zitten dus altijd laag in de voorgevel. Ook blijkt uit vrijwel alle teksten op eerste stenen aangetroffen dat een kind, meestal behorend tot de betreffende familie de steen "gelegd" heeft. Ik heb wel eens mensen van onze vereniging liggend op straat aangetroffen, waarbij ik het eerste ogenblik dacht aan een ongeluk hun overkomen en niet aan het fotograferen van een eerste steen!
Sigarenmakers
Zo'n eerste steen bevindt zich ook in het pand Dubbele Buurt nr. 18. De tekst op de steen luidt: "De eerste steen gelegd door Willem Lieshout oud 11 jaar 16 nov '25. Bij het nazoeken in het bevolkingsregister blijkt dat deze Wim zoals hij genoemd werd officieel Wilhelmus Gerardus heette, geboren werd op 7 januari 1914 en de jongste was van negen kinderen, te weten: twee meisjes en zeven jongens. De ouders: Bernardus Michael Lieshout, geboren 29 oktober 1871 en Elisabeth van der Zel, geboren 21 december 1870 trouwden op 25 april 1894. Als beroep heeft de vader opgegeven: sigarenmaker. Die sigaren maakte hij bij de firma Kaag op het Achterom (nrs 100, 102 en 111, zie Hoorn, huizen, straten, mensen, pag. 13). Ook de twee oudste zoons Michael Bernardus (geb. 16-2-1895) en Bernardus Petrus (geb. 26-2-1899) bekwaamden zich tot sigarenmaker bij de firma Kaag. In 1920 is de vader B. M. Lieshout (zie Hoorn huizen, straten, mensen pag. 57) nog steeds sigarenmaker.
De oudste zoon M. B. Lieshout (Chiel) woont dan op de Dubbele Buurt nr. 16. Hij is dan ook nog sigarenmaker. Ondertussen dreef moeder Elisabeth van der Zel een kruidenierswinkeltje in het woonhuis van het gezin. Uit de gegevens op pag. 57 blijkt dat het desbetreffende pand het ouderlijk huis van de moeder is geweest. Voor 1882 verkocht Antje van Berkum, echtgenoot van Cornelis van der Zel, in het benedenlokaal drank. Die verkoop werd in 1885 gestaakt. Als Elisabeth van der Zel in dat benedenlokaal haar kruidenierswinkeltje start, verkoopt ze daarbij ook petroleum en drank. In 1924 wordt de vergunning tot verkoop van drank ingetrokken.
Oprichting fabriek
In 1922 besluit vader Bernardus Michael Lieshout zijn eigen sigaren te gaan maken. De zoons helpen mee. De fabrikage vindt plaats op de Dubbele Buurt nr. 18, het eigen woonhuis. Een brand, die in de zomer van 1925 om zich heen grijpt op de Dubbele Buurt nr. 18 is vermoedelijk de aanleiding tot de bouw van een nieuw pand op dezelfde plaats. En de kleine Willem, oud 11 jaar, mag op 16 november 1925 de eerste steen inmetselen. In 1926 wordt dan de Firma B. M. Lieshout en Zoon opgericht. Die zonen zijn: Michael Bernardus (Chiel) en Bernardus Petrus (Bernard). Als merknaam voor de sigaren wordt gekozen voor Bernardo. Bernardus is een steeds terugkerende naam in de familie. Zo is er dus sinds 1926 in Hoorn sprake van de Bernardo Sigarenfabriek gevestigd Dubbele Buurt nr. 18. En de zaken lopen goed. Zoon Bernard gaat op reis om de sigaren aan de man te brengen en dat lukt wonderwel. Ook is de Vale Hen/Dubbele Buurt in die dagen nog een plaats van samenkomst voor de verschillende vrachtrijders, die vanuit verschillende gedeelten van Noord-Holland bestellingen in Hoorn doen waaronder ook sigaren. De vrachtrijders krijgen daar dan ook provisie voor (zie Oud-Hoornblad juni 1987, nr. 2, pag. 51).
Uitbreiding
Rond 1930 werken er in de fabriek bijna 100 mensen. Behalve sigarenmakers werken er ook meisjes die de bandjes om de sigaren doen de zgn. ringsters. Verder is er personeel voor het inpakken, het drukken van de deksels, het in elkaar zetten van de kistjes en zgn. sorteerders: mensen, die de sigaren op soort leggen. Ook de zoons Kees, Gerard, Nico, Piet en Wim helpen mee.
In 1930 wordt overgegaan tot de aankoop van het naastgelegen pand Dubbele Buurt nr. 20. De daar gevestigde wasserij en glansstrijkerij van H. Peereboom wordt opgeheven en de Fa. Lieshout besluit op nr. 20 beneden het kantoor te vestigen; boven komen de ringsters te zitten en achter wordt de inpak- en verzendafdeling ondergebracht. Op nr. 18 blijven de andere werkzaamheden gehuisvest. In de loop van de dertiger jaren gaat het met de fabriek minder goed. Er wordt besloten van de firma een naamloze vennootschap te maken. Om de zaak te redden wordt van het loon van de sigarenmakers een gedeelte ingehouden. Ze krijgen daarvoor een aandeel van f 250,-. Als de zaken beter gaan, wordt dit aandeel weer teruggekocht
Oorlogsjaren
In de oorlogsjaren 1940-1945 draait de fabriek wel door. Maar de aanvoer van tabak wordt steeds minder. En de mensen willen toch graag blijven roken! Op een dag blijken er zelfs duizenden sigaren met een vrachtauto gestolen te zijn! Op een gegeven moment is er geen genoeg grondstof meer om de hele week te werken. Dan wordt overgegaan op het maken van surrogaatsigaren, gevuld met hop. Er zijn ook mensen, die zelf tabak proberen te verbouwen. Deze tabaksbladeren komen in veel gevallen bij B. P. Lieshout (Bernard) terecht en worden dan door hem en zijn zoon B. M. gekeurd.
Als
zij de tabak niet goed genoeg vinden om er sigaren van te maken, worden de
mensen doorverwezen naar de Firma T. A. Pool, tabaksfabriek op het Achterom, nrs
56 t/m 60, die er dan pijptabak en shag van maakt.
In
een goed verborgen, afgesloten gedeelte van de fabriek, worden ook nog sigaren
gemaakt van goede, echte tabak, maar die zijn voor veel mensen niet te betalen.
Ook
wordt de stripmachine, die in normale tijden de tabak stukslaat, in de oorlog
andersom gebruikt, nl. voor het losslaan van korenaren. Sommige mensen komen met
een bundel gelezen korenaren en gaan met een hoeveelheid graan tevreden naar
huis.
Op een gegeven moment verblijven er ook twee lagere schoolklassen in een gedeelte van de fabriek. De Duitsers hebben hun school bezet.
Liquidatie
Ook na de oorlog blijft het een moeilijke zaak goede sigaren te maken. Aanvoer van goede tabak uit Ned.-Indië stagneert en houdt helemaal op als Nederland deze kolonie kwijtraakt.
In 1952 wordt de Bernardus Sigarenfabriek NV geliquideerd.
De heer B. M. Lieshout, zoon van Bernard Lieshout is nog in het bezit van enkele attributen, die voor de fabrikage van de sigaren nodig waren. In zijn huis hangt ook het ontwerp voor de Bernardo sigaar: een cowboy hoofd, ontworpen door Anton Buis uit Hem.
Op de Dubbele Buurt nr. 18 en 20 is van de sigarenfabriek niets meer terug te vinden. Na de verbouwing van 1943 heeft de heer D. Langereis een BERNARDO-kop boven de schoorsteen van het pand nr. 20 getekend. Maar ook die is verdwenen. In dit pand is nu een dancing gevestigd en ernaast op nr. 18 treft u een winkel met tweedehands huisraad aan. Alleen de eerste steen zit nog op ooghoogte in de muur naast de ingang.
Met dank aan de heer B. M. Lieshout te Hoorn.
Bronnen: