Frans Zack
Bij de start van het kwartaalblad van de Vereniging Oud Hoorn, nu ruim 25 jaar
geleden, was de grafische verzorging in handen van Drukkerij Edecea aan de Italiaanse
Zeedijk. Na 66 jaar op deze plaats gevestigd te zijn geweest verhuisde Edecea
rond de jaarwisseling van 1985/1986 naar een nieuw pand op het industrieterrein
Hoorn 80. Haast vanzelfsprekend verhuisde Oud Hoorn mee en maakte op de nieuwe
stek kennis met een hypermodern bedrijf.
Helaas, Drukkerij Edecea kon het door allerlei omstandigheden niet bolwerken
en Oud Hoorn moest omzien naar een andere drukker. Die werd gevonden in Drukkerij
Klaassen, van oudsher gevestigd aan het Grote Oost. Nu onze huidige drukker
zijn 100-jarig bestaansfeest in de maand december van 2004 heeft gevierd is
dat de moeite waard om daar wat meer aandacht aan te schenken. Inmiddels heeft
ook Drukkerij Klaassen sinds augustus 1999 de Hoornse binnenstad verlaten en
is nu gevestigd op het adres De Factorij 14 op het industrieterrein Westfrisia-Oost
te Zwaag. Een hypermodern pand waar de tegenwoordige typografie bedreven wordt
op een manier die Laurens Jansz Coster, uitvinder van de boekdrukkunst met behulp
van losse letters, in zijn graf zou doen omdraaien. Want ook hier heeft het
fotografisch zetten en offsetdruk al jaren geleden zijn intrede gedaan. Maar
desondanks is men bij Klaassen het loden tijdperk nog niet helemaal vergeten.
Zetbokken, letterkasten en zethaken getuigen nog van de tijd dat al het drukwerk
met losse loden letters gezet werd.
Terug naar de ontstaansgeschiedenis: het grafisch bedrijf dat nu de naam Klaassen
draagt, ging volgens het Handelsregister in 1904 van start als Drukkerij A.
Posthuma in een klein pandje op het Grote Oost. Dit was ongeveer tegenover de
Oosterkerk waar later de rijwielhandel van Zwarekant was gevestigd. De heer
Posthuma, geboren in Assen, kwam uit een christelijke familie die zijn overtuigingen
met hartstocht beleed. Lid van de Hoornse Gemeenteraad voor de Anti Revolutionaire
Partij en ook een fervente drankbestrijder; door zijn rode haar "de rooddop"
genoemd. Omdat zijn vrouw een hekel had aan de rook uit zijn pijp werd er dus
in die tijd veel in de drukkerij gerookt. Wat uitstekend samenging met de verhitte
discussies die daar gevoerd werden over bijbelteksten en drank(mis)(ge)bruik.
Uiteraard vormde christelijke lectuur, tractaten en pamfletten een belangrijk
onderdeel van het toenmalige orderpakket. Maar belangrijk voor het voortbestaan
waren een aantal periodieke uitgaven die vanaf de oprichting deel uitmaakten
van het pakket. De tijdgeest deed de meeste in de jaren '50-'60 verdwijnen maar
één periodiek hield stand tot in de jaren '90 van de vorige eeuw.
Dat wil zeggen dat het bijna 80 jaar bij dezelfde drukkerij werd gemaakt. Het
ging hier om het "Technisch maandblad voor gemeentereiniging, vervoerwezen
en ontsmetting".
Ook in de jaren '40-'50, waar het in de laatste oorlogsjaren praktisch de enige
order was! Om aan papier te komen werden er op de fiets tochten naar Amsterdam
gemaakt om daar voedsel te ruilen tegen papier. Vooral naar dun papier was een
grote vraag: al het vloeipapier werd versneden naar formaat van sigarettenvloeitjes
waar de eigen teelt tabak in gerold kon worden.
Al snel groeide het bedrijf op de oorspronkelijke plaats uit zijn jasje en moest
worden omgezien naar een andere behuizing. Die werd gevonden in de Trommelstraat,
op een steenworp afstand van de oude stek. In die tijd was het daar een echt
"grafisch hoekje" van de stad weet Joop Klaassen zich te herinneren.
"Behalve onze eigen drukkerij had je in het doodlopende stukje van de Trommelstraat
vlak bij de Warmoesstraat de drukkerij van P. Koopmans die daar in 1941 was
begonnen. Verder zat in de Appelsteeg de drukkerij van Houdijk". Deze drukkerijen
hielden zich voornamelijk bezig met het vervaardigen van klein handels- en familiedrukwerk.
Alleen drukkerij Houdijk gaf ook een advertentiekrantje uit dat wekelijks gratis
huis-aan-huis verscheen.
Op dat moment was de heer Johan Klaassen werknemer bij de heer Posthuma. Als
handzetter/drukker was ook Paul Ytsma in dienst en 's middags kwam ter assistentie
sigarenwinkelier Nol Hoogendoorn, (sigarenwinkelier aan de Koepoortsweg en voormalig
machinezetter bij Drukkerij Vermande in Hoorn) een aantal uren "plat zetten"
en/of distribueren (het opbergen van de losse loden letters in de letterkasten).
Een uiterst gezellige tijd: praten en zetten ging goed samen en de aanloop van
de klanten deed de rest.
Inmiddels was in 1964 Joop Klaassen het team komen versterken. Een van de eerste
belangrijke aankopen die in die tijd gedaan werd was de aanschaf van een Heidelberg
degelpers, het jaar daarop gevolgd door een cilinderpers van hetzelfde merk.
Dit betekende een enorme vooruitgang voor het bedrijf.
Helaas overleed Klaassen sr. in 1967 en werd de zaak voortgezet door zoon Joop.
Drukkerij Klaassen bleef groeien en al na enkele jaren begon zich opnieuw de
ruimtenood aan te dienen. In de Hoogesteeg werd een loods gevonden die dienst
kon doen voor de opslag van materialen, voornamelijk papier. Dit was echter
geen ideale situatie en toen in 1969 de gelegenheid zich voor deed een ander
en veel ruimer pand te betrekken werd dit met beide handen aangegrepen. Het
werd het pand Grote Oost 41, waar jarenlang het kantoor van de Ontvanger en
Inspecteur der Rijksbelastingen was gevestigd.
Tot aan het einde van de jaren '50 werd alles nog met de hand gezet. Dat wil
zeggen dat een compleet tijdschrift van zo'n 16 pagina's met de hand werd gezet
en dus volledig uit losse loden letters bestond. Voor Joop Klaassen was dit
aanleiding om uit te zien naar een (gebruikte) Intertype-zetmachine. Die werd
gevonden bij Drukkerij van Exter in Zwanenburg en bleek de laatste die gebouwd
was en in Nederland werd geleverd. Dit wonder der techniek werd door Joop ter
plaatse persoonlijk gedemonteerd en met een aanhangwagen achter de personenauto
naar Hoorn getransporteerd. Vervolgens werd de machine in het bedrijf aan het
Grote Oost weer in elkaar gesleuteld. Helaas had Joop iets belangrijks vergeten:
de veren die het mechaniek bedienden moesten eerst gespannen worden en er dan
in gezet. Gelukkig heeft een kennis, monteur bij Grafische machinehandel Tetterode,
op een zondag geholpen om dit euvel te verhelpen. Nog altijd staat dit stukje
industrieel erfgoed in de kantoorruimte van het bedrijf. En soms kan Joop het
niet laten om nog eens liefkozend over het toetsenbord te strijken.
Al was Joop Klaassen als typograaf opgevoed met "het lood": hij had
toch wel oog voor modernere technieken. Zo werd al rond 1967 overgeschakeld
op offsetdruk wat tevens de aanschaf van nieuwe apparatuur vergde. Vervolgens
deed ook spoedig het fotografisch zetten zijn intrede bij Drukkerij Klaassen.
Deze manier van drukvorm vervaardigen stond toen nog in de kinderschoenen en
ook bij Drukkerij Klaassen heeft men dit met vallen en opstaan onder de knie
moeten krijgen. "Wij waren de tweede drukkerij in Nederland die op dat
moment overschakelde op fotografisch zetten. In de beginjaren was dat natuurlijk
wel pionieren om alle mogelijkheden te ontdekken", weet Joop Klaassen te
vertellen.
Na 30 jaar aan het Grote Oost begon ook hier de ruimtenood weer mee te spelen.
En dat niet alleen, ook leveranciers van papier en andere materialen konden
het bedrijf vaak moeizaam bereiken. Laden en lossen aan het Grote Oost werd
een steeds groter probleem. En ook het parkeren van cliënten gaf steeds
meer moeilijkheden.
Er werd een vrij nieuw leegstaand bedrijfspand gevonden op het bedrijventerrein
Westfrisia dat na enige verbouwing zeer geschikt werd gemaakt om als drukkerij
te gaan fungeren. Nu is het verhuizen van een drukkerij niet zomaar iets. Er
moest dan b.v. ook een gigantische telekraan aan te pas komen om de drukpersen
uit het pand te hijsen. En dat moest met de nodige omzichtigheid want drukpersen
zijn precisie-instrumenten. Dit was tevens de laatste keer dat Drukkerij Klaassen
er oorzaak van was dat het verkeer op het Grote Oost werd geblokkeerd.
Inmiddels heeft ook Joop Klaassen zich goeddeels teruggetrokken uit het bedrijf
en is het zoon Bart die het roer heeft overgenomen. En ook Bart is een echte
"drukkerstelg": opgegroeid in de drukkerij. Als kind stond voor hem
al vast wat zijn toekomst zou worden. Om zich in het vak te bekwamen heeft Bart
eerst bij een drietal andere drukkerijen gewerkt. Naast Bart Klaassen vindt
men in de drukkerij ook bedrijfsleider Cas Boukens achter de drukpersen en Jarno
Buisman neemt de DTP-afdeling voor zijn rekening.
En ondanks alle moderne druktechnieken koestert men bij Drukkerij Klaassen nog
altijd "het lood". Want hier ligt de oorsprong van de boekdrukkunst,
een vak om trots op te zijn en daar is men zich bij Klaassen wel van bewust.
"Zo'n paar keer per jaar wordt er nog wel eens echt ouderwets gewerkt als
er b.v. een uitnodiging op geschept papier moet worden gedrukt en de klant er
de "moet" in wil voelen. De kenners weten wat dit woord betekent",
besluit Joop Klaassen.
Voor de niet-kenners onder de lezers: "moet" ontstaat bij het drukken
als men gebruik maakt van losse loden letters en cliché's als een verhoogd
beeld. Deze indruk is voelbaar aan de achterkant van het bedrukte vel. Dit in
tegenstelling tot offset-druk dat in het geheel geen voelbare sporen achter
laat op het papier.
Frans Zack
Bron: