Een eeuw lang actief voor Hoorns erfgoed

Vereniging Oud Hoorn - Actualiteit

Opgravingen Gerritsland

Op de hoek van het Gerritsland en de Gravenstraat was tot voor kort een parkeerplaats, stond een boom en een bouwvallige woning. De parkeerplaats is inmiddels verdwenen, de boom omgehakt en de woning gesloopt en nu is de bodem bezig haar geheimen prijs te geven. Intermaris Woondiensten gaat op deze plek een appartementencomplex bouwen. Voor de Archeologische Dienst een goede gelegenheid om dit stukje oud Hoorn aan een nader onderzoek te onderwerpen. Met behulp van een graafmachine wordt het hele gebied afgezocht. Een klus waar de dienst zes weken de tijd voor heeft gekregen. Begonnen werd met de uiterste punt van het perceel om zo verder de hele oppervlakte af te werken. De sporen van bebouwing die hier werden aangetroffen dateren van rond 1600. Het gaat hierbij om muren en vloeren en verder ook kelders en waterputten. Dit gedeelte van Hoorn kan zo ongeveer de achtertuin van het Agnietenklooster genoemd worden.
 
Historie

De straat werd vernoemd naar Heer Gerrit van Heemskerk die zich in 1391 burgemeester van Hoorn mocht noemen. "Hij woonde op een effen akker, daer hy een huys geset hadde, met een grooten boomgaert, de welke na syn doot met huysen betimmerd werd, en nog tot op heden het Gerrits land heet". Deze uitleg konden belangstellenden bij de opgravingen op een bord lezen. In 1398 werd de gracht gegraven die in 1619 overwelfd werd waardoor het Gerritsland ontstond.
Evenals bij vorige opgravingen heeft de Archeologische Dienst, onder auspiciën van Tosca van der Walle-Van der Woude, vrijwilligers ingezet voor het onderzoekswerk. Daarnaast werd ook nu weer een beroep gedaan op het Amsterdamse Archeologisch Projectbureau Jacobs & Burnier. Dit bureau heeft een aantal jaren geleden ook assistentie verleend bij de opgravingen aan de Karperkuil.

Vondsten

Menno van der Heiden, archeoloog en werkzaam voor dit bureau vertelt: "De sporen van bewoning die wij hier hebben aangetroffen gaan terug tot ongeveer de vijftiende eeuw. Alle vondsten worden op tekening vastgelegd en ook gefotografeerd. Aan de hand van deze informatie zijn wij dan later in staat om een plattegrond van de kavels samen te stellen. Voor wat betreft kleine voorwerpen hebben wij hoofdzakelijk veel potscherven aangetroffen. Dat had ook te maken met het feit dat hier een plaats was waar het stadsvuil werd gestort. Temidden van deze grote hoeveelheid scherven vonden we echter ook interessante zaken als wat munten, een kammetje, enkele messen, een schoen en ook het gedeelte van een houten spaan".

Waterput

Enkele van de laatste grote objecten die werden blootgelegd waren een waterput en een waterkelder. De ronde stenen put werd door de toenmalige bewoners in de zestiende eeuw benut om het welwater op te halen. Ongeveer een eeuw later had men een andere manier bedacht om aan schoon drinkwater te komen. Het regenwater werd op de daken opgevangen en vervolgens naar de waterkelder geleid waar het werd bewaard. "In het midden van de kavel waar wij nu opgravingen verrichten is duidelijk een goot zichtbaar. Deze goot liep waarschijnlijk onder de bebouwing door om vervolgens te eindigen in wat nu het Gerritsland is. Ook hebben wij hier een aantal houten vloeren gevonden hetgeen er op wijst dat hier waarschijnlijk ook houten huisjes hebben gestaan", aldus Menno van der Heiden.

Publiek

Op vrijdag 7 maart j.l. kregen belangstellenden de gelegenheid om de opgravingen van nabij in ogenschouw te nemen. Voor die gelegenheid waren diverse van de gevonden voorwerpen uitgestald en gaven de vrijwilligers uitleg over hetgeen er allemaal te zien was. De daarop volgende week is het gebied nog voor de archeologen en daarna is het uit met de opgravingspret en nemen de bouwvakkers bezit van het terrein om aan de bouw van het appartementencomplex te beginnen.

 

Nieuwsarchief